Teut

Ze kwam, zag (minder goed) en overwon (twee staarbehandelingen in twee weken tijd).

Nu die operaties achter de rug zijn, weet moeder weer waarom je je béide ogen hard nodig hebt. Na de eerste keer en met afgeplakt oog probeert ze online haar boodschappen te bestellen. Ze tikt zo ver naast het kruisje, dat haar boodschappenmand wel vol zit, maar met de verkeerde producten. De tweede behandeling ging zo mogelijk nog sneller dan de eerste. Weer thuis staat moeder ruim vijf centimeter voor het slot haar huisdeursleutel in de lucht te steken. Na een ‘mevrouw Dragstra, heeft u gedronken?’ en een beetje hulp rollen we lachend haar appartement binnen.

Over dronken gesproken moet ik altijd denken aan het straatje waar ik geboren ben en het café een paar honderd meter verderop. Aan de man die op klaarlichte dag door de straat waggelt, wij kinderen voor hem uit, roepend: “Een dronken man, een dronken man!”

Mijn vader sleutelt aan de auto, de man stopt en begint het voertuig af te plakken met briefjes van tien.

Of later, in de Hoofdstraat waar mijn ouders en ik vijf jaar lang tegenover een café woonden. Klanten die iets te lang door waren gegaan met de drankjes en buiten de eerste de beste lantaarnpaal omhelsden alsof de paal moeder de vrouw was. Hele gesprekken werden daar gevoerd met muurtjes, vuilnisbakken en brievenbussen.

Op een nacht is er brand verderop in de straat. De vlammen slaan uit het dak, de brandweer is bezig de slangen uit te rollen. Eén man, helemaal in de olie, geeft advies: “Hout aandragen, hout aandragen,” roept hij, wild maaiend met zijn armen, om de omstanders warm te laten lopen voor zijn plan. Gelukkig luistert er niemand en is het vuur snel onder controle.

Ondertussen gaat het goed met moeders ogen. Het kapje is eraf, ze steekt de sleutel tsjak met één beweging in het slot en online belanden de juiste boodschappen netjes in het winkelkarretje. En het zicht? Dat is nu zo goed, dat ze haar bril waarschijnlijk niet meer nodig heeft. Daar drink ik er eentje op!